Zadenruil(3)

De deelnemers aan de zadenruil hebben de volgende omschrijvingen nog van me te goed.

 Heemst – Althaea officinalis

We blijven met Heemst nog even in de kaasjeskruid familie. Qua bloem de mooiste van de drie en met fluweelzachte blaadjes. In het Engels heet ze marshmallow en dat verklapt meteen waarvoor de wortel werd gebruikt : de oerversie van de nonnebillen (spekjes voor de nederlanders)  Baby’s kregen de wortel ook wel om op te sabbelen bij het tanden krijgen en gemalen werden er hoesttabletten van gemaakt. Een paar dagen geleden heb ik trouwens vastgesteld dat je gemakkelijk wortels kunt oogsten zonder dat je de hele plant moet gaan uittrekken, gewoon wat aan de basis graven en je haalt er gemakkelijk enkele uit de grond, nu nog zoeken naar een recept voor marshmallows.  Onderstaand exemplaar werd  helaas een beetje belaagd door haagwinde. Ook nog even meegeven dat ze graag vochtig staan.

Grote teunisbloem – Oenothera glazioviana

Ik laat het beeld voor zichzelf spreken. We kennen ze van de teunisbloemolie , maar in vroeger tijden werd ook de wortels wel eens op tafel gezet.  Zelf heb ik hem vorige herfst voorgezaaid in de serre en met succes, blijkbaar heeft hij een beetje kou nodig om te ontkiemen.

Look zonder look – Alliaria petiolata

Bij deze moet u het stellen zonder fotootje, maar google het toch even , want ik heb moeten wachten tot de bloei voor ik doorhad wat het was.  Het blad ruikt en smaakt naar look en kun je dan ook gebruiken om een looksmaakje aan de sla te geven , maar niet verwarmen want dan is die smaak foetsie. Ook deze zaaide ik al in de herfst voor in de serre om de simpele reden dat ik er van uitga dat je bij vaste planten ze het best kunt zaaien als het zaad rijp is. Je kan dat natuurlijk ook ter plaatse doen, maar op die manier ben je tenminste zeker dat wat er opkomt wel degelijk is wat je hebt gezaaid (als je het labelt tenminste)

Damastbloem – Hesperis matronalis

Zoals de naam zegt een serieuze matronne deze dame en ik val in herhaling : het blad is pittig maar eetbaar. Ik schreef er hier al eens over.

 Kruipend zennegroen – Ajuga reptans

Jammer ook hiervan kan ik geen foto tonen, Kijkt u even in de commentaren waar Menck een prachtfoto plaatste . Het is een goede bodembedekker die in de jardin  al heel vroeg in het seizoen hard zijn best doet. Het blad durft na de bloei wel last krijgen van meeldauw, als dat je stoort dan knip je het gewoon weg,  het is dan wel handig dat er ook nog andere planten in de buurt staan die wat later in het seizoen op hun hoogtepunt zijn.

Welsh Onion – Stengelui – Allium fistulosum

Altijd handig zo’n vaste ui in de tuin  waarvan je het groen toch wel heel lang kunt gebruiken, het komt vroeger boven dan plantuitjes en blijft langer doorgaan. Het eerste jaar  zullen ze er nog wat iel bij staan maar vanaf het tweede jaar vraag je je af welke idioot het in zijn hoofd kreeg om stengelui als eenjarige te behandelen. Ook goed voor de vliegende beestjes, ze zijn er dol op als ze bloeien.

Chinese Bieslook  – Allium tuberosum

Super enthousiast ben ik van deze aanwinst, behalve dan de naam, want het ziet er niet uit als bieslook en heeft meer een looksmaak in plaats van de meer uiege bieslooksmaak.  Ik kook zo goed als dagelijks met look, maar zo tegen maart-april begint de lookvoorraad hier op te geraken.  Vanaf februari kan ik  voor de smaak op daslook rekenen, maar niet lang genoeg om het te halen tot de nieuwe lookoogst en daarom was de chinese bieslook voor mij een geschenk uit de hemel, ook al omdat het dit jaar wat magertjes was met de look  Zelfs wanneer ze bloeien kan je nog steeds blad oogsten. Dit najaar bleken ze ook nog eens een vlindermagneet te zijn, alleen al daarvoor is het een aanrader. Ook deze heeft een beetje kou nodig om te ontkiemen  zo rond de 5°C .

Beemdkroon – Knautia arvensis

Als laatste toch nog  eentje die je niet in de soep kunt draaien, maar  dat goed maakt doordat het een langbloeiende insectenlokker is.

 Staat in hetzelfde perk als de heemst, want het blad op de foto  is haagwinde en niet het blad van de knautia. Ook deze schoonheid heeft  wat kou nodig voor ze gaat ontkiemen, dus naar buiten er mee.

Tip

Ik ben dol op het verzamelen van zaad, toch kan het wel eens voorvallen dat het niet helemaal duidelijk is hoe het zaad van een bepaalde plant er nu eigenlijk  uit ziet. Ook  zitten ze niet in een zakje waarop netjes vermeld staat wanneer je het moet zaaien en of het al dan niet lichtkiemers zijn of zo van die details.  Ik ga altijd te rade bij de volgende twee engelstalige sites, maar je moet wel de latijnse naam kennen.

Foto’s van zaadjes en kiemplantjes  van wel 800 soorten  http://theseedsite.co.uk/

Duur en temperatuur voor ontkiemen van zaad : http://tomclothier.hort.net/

Eten uit een wilde tuin: damastbloem

De keuze voor damastbloem,  (Hesperis matronalis)  als eerste test in deze reeks, had ik al eerder gemaakt omdat de planten er mooi en vol bij stonden de afgelopen weken. Ik vreesde er een beetje voor dat het vriesweer daar een stokje voor zou steken,  maar die vrees bleek ongegrond. De blaadjes blijven stevig, ook nadat ze in de warme keuken een poosje op het aanrecht hebben gelegen.

HesperisMatronalis

Damastbloem doet het prima in  halfschaduw en bloeit best wel lang (vorig jaar begonnen ze er hier aan in april en bleven doorgaan tot half oktober), zaait zich makkelijk uit en  kan variëren qua kleur van paars, roze tot wit, zoals die van mij.  De bloemen worden hier druk bezocht door bijen en vlinders. Rupsen zouden van het blad houden, maar dat  is me niet echt opgevallen.   De plant wordt omschreven als een  tweejarige, hoewel ik er eentje heb die al aan de 4de jaargang toe is en daar bovenop al zin begint te krijgen om opnieuw te bloeien. Tja, het hoeft niet meer herhaald te worden maar deze winter …

P1010438.JPG

Hesperis Matronalis eetbaar ?

Ah,  ja natuurlijk anders zou ik er hier niet over beginnen.  In de “Plants for a future” database,  zowat de digitale bijbel der eetbare planten, krijgt deze  bloem slechts een score van 2 op de eetbaarheidsschaal. Vermoedelijk omdat zowel het blad als de bloemen best wel pittig zijn. Veilig is de plant wel,  zoals zowat alle telgen uit de brassicafamilie , hoewel sommige bronnen vermelden dat damastbloem als braakmiddel kan worden gebruikt. Daarvoor moet je er wel grote hoeveelheden van naar binnen werken en de plant is iets te scherp, zodat ik me moeilijk kan voorstellen dat dit snel zal gebeuren.  De zaadjes kunnen als kiemgroente worden gebruikt. Jammergenoeg,  heb ik vorige herfst er te weinig zaad  van verzameld,  anders had ik het zeker geprobeerd.

Voorproeven.

Zoals bij het koken zet ik niets op tafel dat ik niet eerst zelf heb geproefd en in de tuin snoep ik dan ook  regelmatig van alles waarvan ik weet dat het eetbaar is.  Zo heb ik snel ondervonden dat het blad echt niet te pruimen is wanneer de plant bloeit, maar ondertussen weet ik dat dat zo is met de meeste bloeiende eetbare planten en ook dat je moet gaan voor de jonge blaadjes. Bij de damastbloem vind je die in het midden van de roset.  Eerst smaakt het blad een beetje flets, dan krijg je heel kort een ietwat grassige smaak,  direct gevolgd  door het pittige van een mosterd.

En wat schafte de pot ?

Bwa, een groen ietwat bitter blad kun je natuurlijk altijd kwijt in een gemengd slaatje, waarbij je de smaak wat kunt uitbalanceren met een zachter smakend blad zoals veldsla of  gewone sla. Dat is trouwens ook het enige wat ik me zie doen met de bloemetjes. Op één uitzondering na die het zonder veel uitleg in de wok gooide, vond ik ook niet echt recepten voor de plant, dus heb ik, naar mijn gevoel,  een beetje vals gespeeld.

Inderdaad ! Pesto ! Nu maak ik regelmatig pesto zonder basilicum. Ik heb er al vanalles ingedraaid: brandnetels, rucola, tuinkers, groen van worteltjes, vogelmuur, kaasjeskruid,… De enige vaste ingrediënten in mijn pesto’s zijn grof zeezout en olijfolie, want ik doe er dus ook niet altijd look in, of parmezaan en de pitten kunnen evengoed walnoten, cashewnoten of zoals vandaag zonnebloempitten zijn.  Geen uitzonderlijke maaltijd dus, hier in de jardin.

De score

Tja, twee van de panelleden vielen al af. De man eet nooit groene pesto en zoon 1  heeft gekozen voor de pesto van zongedroogde tomaten die voor de man bestemd was en was aan het einde van de maaltijd gewoon vergeten te proeven.    Zoon 2 daarentegen, die sowieso dikwijls pesto voorgeschoteld krijgt, als alternatief voor tomatensaus vanwege zijn colitis ulcerosa, nam de opdracht wel heel serieus.  Hij omschreef de smaak als lekker in het begin, maar een mindere lekkere nasmaak. Nu, hij heeft dan ook een zeer sterk ontwikkelde smaakzin en kan smaken onderscheiden die de rest van ons niet proeven. Zelf vond ik de pesto gewoon lekker, zonder nasmaak.

Een culinair toppertje kun je de damastbloem niet echt noemen, en je honger zal je er ook niet  mee weten te stillen, maar van mij mag de plant blijven, als mooie bloem en nuttige plant voor bijen en vlinders.